Met hun co-auteurs, Joseph J. Hobbs en Wim C. Mullié, hebben Goodman en Peter Meininger een werkelijk prachtig boek weten te laten verschijnen. Het voert in dit blad wat ver om uit alle pagina’s iets te citeren, maar de neiging is groot. De uitgave is bijzonder verzorgd en de gegeven informatie zo rijk en uitvoerig dat het leesplezier de prijs van rond 70 pond snel doet vergeten. In het boek worden in deel I in 5 hoofdstukken op 100 bladzijden o.m. de geschiedenis van de Egyptische ornithologie, de wijze van dataverzameling voor het boek en uitgebreid de aardrijkskunde van het land behandeld. Daarnaast komen de natuur- & vogelbescherming en de racties van de vogels op de veranderingen in de landbouw en in die in de Nijl en haar overstromingsgebied ruim aan bod. Een apart hoofdstuk behandelt overzichtelijk de jacht op vogels en hun eieren. Voor ringers interessant zijn de beschrijvingen van de methoden van vogelvangst. Die zijn zeker niet altijd even weidelijk in onze ogen: zo hanteert men af en toe geblindeerde lokvogels bij de jacht op valken. En de foto van de opslag van levende consumptie-zangvogels op de markt stemt evenmin vrolijk. Kwartels levend vangen, dat doet men daar al heel lang en zeker zo vernuftig als wij ringers hier achter de eenden en vinken aan zitten. In het avifaunistische deel II worden ruim 400 soorten op 375 pagina’s kort (weinig informatie) of langer (veel meer bekend) besproken. Ook dat gebeurt overzichtelijk, verdeelt in alinea’s gewijd aan trek, phenologie, aantallen, waarnemingen en, indien gegevens bekend waren, ook aan ”ringing”.