1993
Grauwe Ganzen bij de Dollard: aantallen, herkomst en verblijfstijden
Publication
Publication
De Grauwe Gors , Volume 21 - Issue 3/4 p. 92- 98
De doortrekperiode van Grauwe Ganzen Anser anser in Nederland ligt in het voorjaar tussen februari en eind april en in het najaar tussen eind augustus en eind november (SOVON 1987). Tijdens beide trekperioden kunnen de vogels in grote delen van ons land worden waargenomen. Daarnaast zijn er enkele gebieden waar, afhankelijk van de strengheid van de winter, in wisselend aantal wordt overwinterd. In de provincie Groningen zijn drie gebieden waar in voor- en najaar grote aantallen Grauwe Ganzen pleisteren: de Lauwersmeer, de Dollard (van den Brink et al. 1992), en recentelijk de Groninger noordkust. In genoemde gebieden overwinteren de vogels in sterk wisselende aantallen, maar langs de Dollard de meeste. In Noord-Nederland kunnen in de zomermaanden grote aantallen overvliegende Grauwe Ganzen worden waargenomen, die in mei naar hun ruigebied in de Oostvaardersplassen trekken en in juni en juli teruggaan naar hun geboorteplaatsen in Noord- en Oost-Europa (van ’t Hoff 1990). Deze vogels komen in de regel onderweg niet of nauwelijks aan de grond.
| Additional Metadata | |
|---|---|
| De Grauwe Gors | |
| CC BY-NC 3.0 NL ("Naamsvermelding-NietCommercieel") | |
| Organisation | Avifauna Groningen |
|
Berend Voslamber. (1993). Grauwe Ganzen bij de Dollard: aantallen, herkomst en verblijfstijden. De Grauwe Gors, 21(3/4), 92–98. |
|