’t Mag vreemd schijnen in den tegenwoordigen tijd, waarin de vraag naar “meer licht” steeds meer op den voorgrond treedt en het electrisch licht alle andere lichten dreigt te verdringen, de aandacht van de lezers van het Album nog te vragen voor een opstel over petroleum. Maar........ het electrisch licht is nog op verre na niet wat het belooft te worden, en vele jaren zullen misschien nog moeten voorbijgaan, voordat dit licht der toekomst de petroleum of gasvlam zal kunnen vervangen. Telkens wanneer het raadsel van regelmatige verdeeling en ongestoorde verlichting schijnt opgelost, verschijnen weer kobolden, die het licht plotseling uitdraaien en met een grijnslach in het duister verdwijnen naar hun onderaardsch verblijf. Want in de mijnen ligt hun arbeidsveld en in de steenkool hun bezitting. Met hun lamp en houweel gewapend, kappen en kloppen zij het ingewand der aarde zonder ophouden open en bloot. Een enkele maal woelen zij een ader los van een brandbare olie, die opbruist met onstuimige kracht. Dit is de aardolie, hun tweede kleinood, het onderwerp van mijn opstel.