1994
Wees een gastheer/vrouw voor de vogels
Publication
Publication
De Korhaan , Volume 28 - Issue 4 p. 99- 99
In het najaar wordt de voedselvoorraad in de vrije natuur kleiner. Tegen die tijd begint een deel van de vogelbevolking naar de tuinen te trekken. Hier scharrelen zij hun kostje bij elkaar door bessen en andere vruchten te eten, of insekten en dergelijke uit de tuinen te peuteren. Een aangepaste, niet al te schone tuin vormt voor hen een gespreid bedje. Een voedertafel of -huisje kan alvast klaargemaakt worden. Door af en toe een klein beetje te voeren kunnen de vogels er vast aan wennen. Met geregeld voeren hoeft pas begonnen te worden als er strenge vorst heerst, als het ijzelt of wanneer er sneeuw ligt. Voer niet teveel, ratten en muizen weten al na korte tijd de voerplaatsen te vinden dus zorg dat er gedurende de nacht niets te halen valt. Verwijder regelmatig oude voerresten en maak de voerplaats schoon. Het gevaar bestaat namelijk dat bij druk bezochte voerplaatsen infectieziekten gaan optreden.
| Additional Metadata | |
|---|---|
| De Korhaan | |
| CC BY 3.0 NL ("Naamsvermelding") | |
| Organisation | Vogelwerkgroep Het Gooi en Omstreken |
|
Bertus van den Brink. (1994). Wees een gastheer/vrouw voor de vogels. De Korhaan, 28(4), 99–99. |
|