Praktische determineergidsen voor walvisachtigen op open zee zijn helaas een schaars artikel. De bestaande gidsen zijn vaak niet handig in het gebruik, bespreken alle soorten van de wereld – met alle onoverzichtelijkheden vandien of worden in het algemeen als slecht beoordeeld. De laatste jaren is er een ware vloedgolf aan boeken over walvisachtigen verschenen. De meeste uitgaven zijn samengesteld uit een hoeveelheid fraaie foto’s met een begeleidende tekst waarin ’alles’ over de walvissen in kort bestek wordt behandeld. De boeken lijken sterk op elkaar en de foto’s beelden steeds de zelfde soorten af. Voor determinatie van, vooral de kleinere en dikwijls algemenere, cetacea zijn deze boeken ongeschikt. Toch zijn er, vooral in de Verenigde Staten, ook heel goede veldgidsen gepubliceerd. Vooral de gidsen van Hoyt (1984a), Leatherwood et al (1976) en Leatherwood & Reeves (1983) verdienen aanbeveling. Deze gidsen zijn echter vrij duur en niet op de Westeuropese situatie toegespitst. Met deze handleiding, een bespreking van de meest voorkomende walvisachtigen op de Noordzee in de vorm van enkele korte artikelen, wordt getracht in een behoefte te voorzien. Watersporters, maar tegenwoordig vooral ook vogelwaarnemers op de Noordzee, worden vaak met walvisachtigen geconfronteerd. Een belangrijk doel van deze handleiding is het stimuleren van deze mensen om bij dergelijke ontmoetingen een serieuze poging te doen om achter de identiteit van de dieren te komen, om ook doelgericht walvisachtigen te gaan waarnemen en ten slotte om de waarnemingen goed gedocumenteerd gemeld te krijgen op de daartoe bestemde adressen. Het is van groot belang om zo veel mogelijk betrouwbare meldingen van Cetacea te krijgen om zo meer inzicht in de goeddeels nog onbekende verspreiding en talrijkheid van deze dieren te verwerven. De illustraties in deze handleiding zijn zoveel mogelijk origineel en gemaakt aan de hand van de gidsen van Hoyt (1984), Martin (1990), Minasian et al (1984) en Watson (1981), maar vooral met behulp van de uitgebreide fotocollectie van de auteur en eigen veldwaarnemingen. De teksten zijn eveneens voor een groot deel gebaseerd op genoemde gidsen, maar ook op de boeken van Ellis (1982, 1988), aangevuld met eigen ervaringen.