Reeds in de 19e eeuw hebben Belgische malacologen fossiele schelpen verzameld aan het strand van Belgisch en van Zeeuwsch Vlaanderen. Dat ook op het strand van Walcheren fossiele schelpen uit verschillende formaties aanspoelden, was omstreeks 1910 bekend aan de Middelburgse verzamelaar P. de Bruyne. W.G.N. van der Sleén publiceerde zulke vondsten van het Zeeuwse Noordzeestrand in zijn proefschrift van 1912 (p.138) en later in De Levende Natuur (1916.20,403 v.).F.C.van Heurn publiceerde in 1927 over fossiele schelpen van het strand van Walcheren.Toen was ook C.Brakman reeds aan het verzamelen en had de rijkdom van de Kaloot (een Zandplaat in het Zuid-Sloe) ontdekt.Tegelijkértijd bracht A.Slabber een collectie van hetzelfde materiaal bijéen.C.O.van Regteren Altena verhief in 1937 met zijn proefschrift de studie der aangespoelde fossiele schelpen tot academisch peil.Sindsdien heeft het verzamelen en bestuderen hiervan geregeld voortgang gemaakt.