Reeds eerder vestigde ik in het CB (no. 66, pp. 641 – 642, 1956) de aandacht op een reuzeninktvis. In het jaarboek van de Universiteit van Bergen beschreef Kjennerud (Univ. Bergen Arbok 1958, Naturv. Rekke no. 9 verschenen in 1959) onlangs een manlijke Architeuthis die in maart 1958 bij Nordfjord, Noorwegen, aanspoelde. Deze was heel wat geringer van afmetingen dan het door Clarke vermelde exemplaar. Het enigszins beschadigde dier woog 48 kg. Ik citeer de volgende uitwendige maten: lengte van staartpunt tot einde van sessiele armen 296 cm langste arm 164 cm mantellengte aan de rugzijde _ _ 100 cm Enige interessante maten van inwendige organen zijn o.a. de radula: 60 mm lang, breed 6-12 mm; gladius; 91 cm lang, grootste breedte 15 cm.; maag: 30 cm lang; spermatophoren: 150 – 180 mm lang. De staartvin bleek lichtelijk asymmetrisch te zijn.