Alle drie onze Ensis-soorten (E. arcuatus (Jeffr.), E. ensis (L.) en E. siliqua (L.) ) hebben een slot, dat vrijwel overeenstemt, n.l. in de linker klep twee klauwvormige cardinale tanden, vlak bij elkaar, en een lange laterale tand, langs de bovenzijde van de schelp, in achterwaartse richting. De rechter klep bezit een dito laterale tand, doch slechts één zeer smalle cardinale tand, die precies tussen de cardinale tanden van de linker klep in past.